Zoeken in deze blog

Wordt geladen...
Guido Vermeulen's mail art envelopes are like worlds into themselves and at the same time they are part of the much larger whole.

(a comment by NANCY BELL SCOTT, USA, on the IUOMA network)

Guido's paintings are like finding images in the clouds
(a comment by Kathleen D. Johnson, USA, on IUOMA)

Guido does not paint monsters but spirits and ghosts, full of love, tenderness and compassion
(LIZA LEYLA during a conversation, Belgium)

His ability to express emotions through painting is a beautiful gift. Allowing oneself to feel sadness is the most direct route through grief. His paintings feel peaceful and kind.

(STEPHEN WALKER, USA)


My life is shifting... Your work is intangible, ethereal, cosmically rewarding. i eat it up & savor it like a great sandwich! It made my day!
(Lisa PEREZ, USA, on IUOMA)

Thank you for the TALISMAN painting on the envelope. It is real cool and creepy at the same time. I haven’t seen a piece of abstract capture such as pain and emotion so well since I visited the museum of art in Toledo. Bravo!
(Sarah Jo Pender, USA, from the Indiana Women’s Prison)

I suppose you could characterize Guido's painting style as expressionist. I know he is very interested in dreams as a source for art and poetry, and these particular chapter pages seem like shadowy dream corridors filled with shifting images and scenes. The Michaux quotes work as a counterpoint, Guido's art is taking over when the limits of language have been reached.
(De Villo Sloan, USA, on my tribute pages to Henri Michaux, see LAMUSAR blog)

Guido’s art expressions are always poems and they show us the reality of our real faces and souls (Mariana Serban, Romania)

His titles have both inspired and educated me (Alicia Starr, USA)

donderdag 6 maart 2014

HISTOIRE D'OR

Le chemin vers un dernier court-circuit?

Pour Aurélie qui trouve que les adultes sont compliqués


1.
De evolutie van een industriestaat is zorgwekkend te noemen.
Een land met een handvol steden omringd door grote tuinen veranderde in één grootstedelijk gebied met piepkleine groene oases, beschermde grasvelden voor toeristen en families op bezoek, op zoek naar zoiets fantasties als een eenzame koe in een afgebakende wei.

Kinderen in de stadskernen kenden dieren uitsluitend van de TV.
Het waren beelden, ingebeelde of verbeelde creaturen, niet echt want nooit gezien, de koe op TV evenaarde de uitgestelde godservaring.

Zelfs als de ouders hun kroost meesleepten naar een lucratieve kinderboerderij bleef de twijfel overheersen.
Was dit nu echt een schaap? Een echt paard grazend op echt gras?
Of zagen ze allen driedimensionale kunstwerkjes, projecties met grappige geur- en smaakervaringen, ondersteund door buitengewone geluiden? De boerderij als intelligent museum?

Het televisiebeeld was zoeter, minder bedreigend ook, niet zo handtastelijk want een scherm kan je ongestoord aaien, het doet niets terug en voelt steeds comfortabel warm aan, het beweegt onafhankelijk van de eigen impulsen, het leidt een ander leven en laat je toe weg te dromen zonder geconfronteerd te worden met de hardheid van de wereld rondom je...

Het beeld liegt maar de leugen is beter dan confronterende projecties.


2.
Na 100 jaar oorlog waren de overgrote meerderheid der dieren uitgestorven. Ze bestonden enkel nog als plaatje of als robot.
Artificiële beesten werden immens populair in het gemiddelde huishouden, kregen een stichtelijke, opvoedende taak toebedeeld.
Ouders controleerden hun kinderen via ingeplante chips in de nieuwe mechanische huisdieren.
Beloning of straf werden uitgevoerd door bioniese honden of katten.
Het babysitten liet men het liefste over aan beren en pinguins.
Het afbekken was op het lijf geschreven van de papegaaien.
Deze taakverdeling liet daarenboven aan de volwassenen toe zich ongestoord en zonder weerga te concentreren op hun vooruitstuwende rakekttraploopbanen. Promoties aller hande kregen zelfs een dierkoosnaampje.
Proficiat je hebt een colibri gevangen, je bent bevorderd tot luipaard, morgen wordt je status en loon opgetrokken tot die van adelaar.
De volwassenen betaalden een harde prijs: ze vervreemden van hun eigen kinderen en elk huis kende 1 verboden, afgeschermde kamer, namelijk daar waar men de handlangerhuisdieren oplaadde via elektronische circuits.

Deze toestand leidde uiteindelijk tot de grote tieneropstand van het jaar 2146 waarbij deze kamers werden opengebroken; de losgekoppelde dieren werden massaal verzopen in volgelopen badkuipen. Het was het feest van de losgeslagen kortsluitingen, het verbrandingsvuurwerk, de meltdown der apparaten, het uur kill your pet because it is your enemy.

Toen de ouders thuis kwamen van hun nutteloze werken vonden ze enkel de smeltende metalen geraamtes van hun robotdieren en stelden het verdwijnen vast van hun ondergedoken kroost.
De kinderen waren ondergronds gegaan en riepen de Republiek der Vrije Ratten uit op basis van info en plaatjes gevonden op een Internet-encyclopedie. Haastig verbood de overheid sites als Wikipedia maar dat gebeurde zoals steeds veel te laat.
Het kwaas was geschied.
Een nieuwe oorlog was begonnen en zoals steeds bestempelde men die als de «allerlaatste»: la guerre mondiale entre enfants et parents terribles schreef een slimme journalist in Het Laatste Nieuws en zijn slimheid kostte hem zijn job, hij werd op staande voet ontslagen.

In de nieuwe oorlogswoordenschat werden ouders herdoopt tot oesters door de tieners en kinderen tot zeesterren door de volwassenen.
De ouderlijke macht zwakte af tot de statuts van het verdwenen weekdier.
Het toedienen van elektrische schokken, voorgeschreven door de overheden, hielp niet.
Er volgde geen wederopstanding van het zieke verleden.
Materie bleef dood en vlees snelde naar zijn ondergang met het gemak van een vroegere ééndagsvlieg.
Oude video’s werden continu nostalgies afgespeeld tot de ratten/zeesterren er in slaagden de electriciteitskabines op te blazen met een mengsel van drek en ontsnappend gas uit de ontaarde pijplijnen van Moskou die in verval waren geraakt door gebrek aan robots en onderhoudspersoneel.

3.
Dieren werden wild en groot in duisternis.
Het donker werd 1 groot wild beest.
Oesters leerden hoe te huilen en ratten hoe te schreeuwen in de nacht.
Het was wachten op de zee die haar rechten weer begon op te eisen door prijsgegeven land langzaam maar zeker opnieuw te bezetten en te veroveren.
Plankton herstelde zich met de snelheid van een zwarte panter.
Het regende plots uilen op een avond...
Ze daalden neer, ondersteboven
terwijl het water rees tot de bovenste ringen onder hun snavels.
Vingers doken kopje onder.
Tenen streelden de hemeltoppen.
Bergen onderwierpen zich aan de test van het verdwijnende land.
Grotten zonken dieper en dieper.
Prehistoriese stieren ontsnapten van hun wanden.
Dit tijdperk zou later heten «de terugkeer naar de metamorfose van de zingende vis».

Alles kon weer herbeginnen tot een nieuwe kortsluiting in de maak.


GV
Maart 2014
Pub New Benfica



Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen