dinsdag 16 november 2010

HOW TO FLOAT, another Ann poem

HOW TO FLOAT

Opnieuw voor Ann


Aan de overkant van wolken
schreeuwen meeuwen hun doodsreutel.
De rivier vloeit onverstoorbaar voorbij
het einde van de luchtverzakking.
De boom verlies voor de zoveelste maal zijn bladeren.
Het is desalniettemin de dans
van het leven zelf,
van het minnen en ontminnen in de sprookjestuin.
Sommigen beweren dat je hem niet moet zoeken
op aarde maar hoog hierboven tussen de wolken.
Ze liegen. Ik zie hem iedere dag in je armen,
in je lach, in de ogen van je benen,
in de buikdans van jouw taal,
in de vleugels van je lippen,
het water van je lenden,
de koraalrode gloed van je geslacht.
Ik zie de wolken hier beneden.
Ze hebben de Styx verlaten en het zwart verbannen
naar boven, naar de achterkant van zijn maan
wellicht. Licht schiet zijn doel voorbij.
Liefde is een trapezesprong zonder vangnet.
Haar schaduw opent zich als een ochtendbloem.
Wij ontwaken beiden uit een boze droom.
Apart van mekaar en toch niet gescheiden.
Wij leven beiden aan de overkant van wolken.
Wij weten waar we thuis horen.
In een huis dat meedraait met de zon,
in de weelde van woorden die lucht verplaatsen,
in de vloeibaarheid van het wederzijdse lichaam,
in de aaibaarheid van gestoorde poezen,
in de onomkeerbaarheid van het gevoel,
in de vluchtplaatsen van opgejaagd wild,
in de beweging van regen zonder beweegredenen,
in de toverdoos van geroofde hartstocht;
in de overkoepeling van de hemel en de heropstanding van de lippen,
in het zien van de aarde en de blindheid van het heelal,
ja, zelfs in het dodenmasker van een ongeboren kind,
in een heel oud wiegelied en de knippertroost van mooie liedjesteksten
zoals RIVER, SHOW ME HOW TO FLOAT (*)


Guido Vermeulen
15-16 November 2010

(*) Peter Gabriel

Geen opmerkingen:

Een reactie posten